Category: Snacks/ Hapjes

  • Surinaamse mango chutney

    Surinaamse mango chutney

    Vorige week at ik een klassieke hindoestaanse maaltijd, namelijk aardappel-kouseband, kohra en karhie (dat is dikkere versie van daal met phulauri erin, ook is de bereidingswijze totaal anders). 

    Het is zo lekker en totaal compleet met een schepje chutney erbij. Maar helaas was ik door mijn voorraad heen. Wat echt een groot gemis is bij zo een klassieke hindoestaanse vegetarische maaltijd. 

    Ik maak zelf altijd mijn chutney (of ik krijg het van mijn lieve tante als zijn naar Suriname is geweest) ondanks dat er zoveel soorten en varianten te koop zijn in de winkel, dan weet je tenminste wat je eet! Zonder toevoegingen van allerlei conserveringsmiddelen en andere onverklaarbare onnodige ingrediënten.

    Er zijn vele groente en fruitsoorten waar je chutney van kunt maken. Onder andere birambie, pommesitair, zelfs van aardappel of van een groene appel. Ideaal, want niet alle ingrediënten zijn altijd makkelijk te vinden of je hebt niet een toko in de buurt van je woonplaats. Overigens is het belangrijk dat je de mango’s na aankoop gelijk in de koelkast bewaard, ze rijpen namelijk erg snel door. Voor je het weet zijn ze zacht en is je chutney niet mer zoals het hoort te zijn.

    Mijn versie bevat geraspte mago, je kunt ook de mango in stukjes snijden en dan stoven, dit is lekker om met bara te eten. 

    Wat heb je nodig:
    – 4 groene harde mango’s
    – 6 grote tenen knoflook
    – 1 ½ theelepel chutney masala
    – 1 ½ theelepel zout
    – klein scheutje azijn
    – 200 ml neutrale olie, bijvoorbeeld zonnebloemolie
    – madame jeanet of andere pepers, naar smaak hoe pittig je het zelf.

    Wat ga je doen:
    Boen de mango’s goed schoon onder de stromende kraan.
    Rasp je ze daarna met een grove rasp, knijp het daarna uit in een vergiet.
    Maak de knoflook en pepers in een keukenmachine fijn.
    Verhit de olie in een diepe pan.
    Doe het knoflook en pepermengsel erbij. bak dit even goed aan.
    Daarna mag de chutney masala erbij, bak dit even goed aan, het gaat nu heerlijk ruiken al.
    Daarna mag de uitgelekte mango en het zout erbij.
    Schep het goed om en laat op middelhoog vuur gedurende 10 minuten stoven, schep het regelmatig om.
    Daarna mag het vuur uit en kun je het scheutje azijn toevoegen, dit zorgt ervoor dat het minder snel bederft.
    Laat afkoelen en bewaar de chutney in een schone pot in de koelkast.

    Je kunt er zeker 4 weken van eten.


  • Perzik-roomflappen

    Perzik-roomflappen

    Ken je dat? Je krijgt plotseling iemand die langkomt voor een bakkie koffie of thee en je hebt even niks om erbij te serveren.
    Hier is dat ook vaak het geval. En op 1 of andere manier wil ik altijd iets te eten serveren bij een drankje.
    Dit recept is makkelijk en heel snel klaar. Je hoeft maar 3 ingrediënten standaard in huis te hebben. En het is zo makkelijk te maken, dat mijn zoon van 4 jaar ze deze keer gemaakt heeft. Hij kreeg een vriendinnetje die kwam spelen, dus hij flanste dit nog even snel in elkaar toen hij op woensdagmiddag uit school voor zijn speeldate een uurtje later kwam.
    Maar eigenlijk kan je dit altijd wel ergens bij serveren, bijvoorbeeld een picknick, een verjaardag, een barbeque of een high-tea.

    Wat heb je nodig:
    – 1 grote blik perzikken op siroop
    – 1 pak diepvriesbladerdeeg (10 plakjes)
    – 1 zakje mix voor banketbakkersroom (Dr. Oetker)
    – 1 ei
    – 400 ml melk
    Optioneel: amandelschaafsel

    Maak de banketbakkersroom volgens de instructies op de verpakking. Gebruik i.p.v. het water de melk dus. Laat het opstijven in de koelkast.
    Verwarm de oven voor op 180 graden en haal de roosters eruit en bekleed ze met bakpapier.
    Laat de perziken uitlekken in een vergiet.
    Leg de plakjes bladerdeeg op het bakblik. Schep 1 eetlepel room in het midden van elk plakje.

    Vouw daarna alle hoekjes van het bladerdeeg over room,


    Leg daarna een perzik op de room in het midden.
    Bestrijk de bladerdeeg met het losgeklopt ei en strooi daarna wat amandelschilfers op het bladerdeeg.
    Bak ze in ca. 35 minuten goudbruin in de oven.

    NB:
    De perziken worden wel wat dof na het bakken in de oven, maar ze smaken nog even lekker. Mocht je je hier nu heel erg aan storen dan kun je het volgende doen:
    Vang de siroop op van de perziken. Neem ongeveer 3 eetlepels hiervan en doe die in een klein kommetje. Breng de rest aan de kook in een pannetje. Neem ½ theelepel maizena of aardappelzetmeel en los die op in hetkleine kommetje, als de resterende vocht van het pannetje kookt, giet je dit erbij. laat het even kort koken, laat daarna afkoelen.
    Bestrijk de perzik hiermee als ze uit de oven komen. Zo krijgen ze een beetje gloss.

  • Cupcakes met muisjes

    Cupcakes met muisjes

    Voor ik met zwangerschapsverlof ging heb ik iets lekker simpels getrakteerd op mijn werk. Het geslacht was nog een raadsel dus vandaar heb ik roze en blauwe muisjes gebruikt.
    Om eerlijk te zijn had ik de cakejes kant en klaar gekocht, maar een kwalitatief goed en lekker roombotercakeje, daar is niks mis mee.
    Dit hapje is leuk voor een babyshower, high tea of als kraamhapje.

    Wat heb je nodig:

    • 18 roomboter cakejes (kant en klaar te koop)
    • 200 gram witte chocolade
    • blauwe of witte muisjes.

    Smelt de chocolade au-bain marie, dat wil zeggen kook een pannetje met water en plaats hierboven een vuurvaste schaal waarin je de chocolade langzaam smelt, goed roeren.
    Doe de muisjes in een klein diep schaaltje.
    Nu wordt het makkelijk: Dip een voor een de cakejes in de chocolade en daarna direct in de muisjes. Laat ze uitharden!

    Easy peasy dus!

  • Oliebollen met amaretto-rozijnen

    Oliebollen met amaretto-rozijnen

    Je kunt er natuurlijk voor kiezen om in de rij te gaan staan bij een oliebollenkraam op oudjaarsdag voor een zak oliebollen en hopen dat ze lekker zijn uiteindelijk.
    Of je maakt ze in de tijd dat je staat te wachten zelf thuis, dan weet je zeker dat ze vers zijn. En met dit recept ben je ervan verzekerd dat je oliebollen uiteindelijk ook lekker zijn.
    Nu de kerstdagen achter de rug zijn bereid iedereen zich voor op oud en nieuw.
    Vuurwerk, lekkere hapjes, gezelligheid, proosten met bubbels…. I love it!
    Voor dit recept begin je al wel een paar dagen van te voren met de voorbereiding. Maar dit stelt niks voor, in hooguit 15 minuten is dit gereed.
    Dit recept maak ik al minstens 15 tot 20 jaar. Het duurde ook even totdat ik dit recept geperfectionaliseerd had, maar nu deel ik het graag met mijn volgers en likers!

    Voorbereiding:

    Ruime tijd van tevoren maak je de rozijnen gereed, hier worden ze wat zachter van en trekt de smaak van de amaretto er goed in.

    Wat heb je hiervoor nodig:
    – 200 ml amaretto
    – 100 gram rozijnen

    Wat ga je doen:
    Doe de rozijnen in een vergiet en was ze met lauwwarm water onder de kraan.
    Laat ze even uitlekken en doe het daarna samen met de amaretto in een pannetje.
    Breng dit aan de kook en laat dit even doorkoken.
    Neem de pan van het vuur en laat het afkoelen tot kamertemperatuur.
    Leg de rozijnen daarna in de koelkast, zorg er wel voor dat ze onder staan, door het doorkoken kan er wat van de amaretto verdampt zijn, vul dit eventueel aan.
    Laat dit enkele dagen in de koelkast intrekken, ik doe dit meestal een week.

    Op de dag dat je ze gaat maken maak je het oliebollenbeslag:
    – 250 ml melk
    – 7 gram gedroogde gist (meestal 1 zakje)
    – 1 eetlepel suiker
    – 300 gram bloem
    – snufje zout
    – 1 losgeklopt ei
    – zonnebloemolie om in te frituren, maar je mag natuurlijk ook gewoon je frituurpan nemen hiervoor
    – poedersuiker

    Wat ga je doen:

    Warm de melk een beetje op tot lauwwarm en meng dit met het suiker en de gist tot het suiker opgelost is.
    Laat dit staan tot het gaat schuimen, dan werkt het gist namelijk.
    Doe het bloem in een beslagkom. Meng het ei met het gistmengsel en de rest van de melk. Roer dit door tot een glad, klontvrij beslag.
    Op het laatst meng je de rozijnen erdoor, schep dit voorzichtig om. Voorzichtig omdat anders de rozijnen kapot gaan.
    Laat dit nu afgedekt met een theedoek rijzen op een warme plek minstens 1 uur.
    Verhit nu de olie tot 180 graden.
    Neem een bakje water en een ijsbollentang.
    Schep een beetje beslag in je tang en laat dit in de olie glijden. Maak je tang na iedere oliebol opnieuw nat in het bakje met water. Hierdoor gijden ze makkelijker in de olie.
    Bak zo een 5 tot 7 oliebollen per keer


    Draai ze om als ze goudbruin zijn en als ze helemaal gebakken zijn neem je ze uit het vet en laat ze uitlekken op keukenpapier.

    Bestrooi ze met poedersuiker voor het serveren.

    Tips:
    Ik hou van de smaak van amaretto vanwege de amandelsmaak die het geeft, maar je kunt natuurlijk ook rum of iets dergelijks nemen.
    Lust je geen rozijnen, laat deze dan weg, verder kun je de rest van het recept gewoon gebruiken.
    Uiteraard kun je dit recept ook gebruiken voor andere gevulde oliebollen, bijvoorbeeld met kaas, gerookte zalm, lente-ui, geraspte appel, ananas en ga zo maar door.

  • Bakkeljauw

    Bakkeljauw

    Bakkeljauw

    Tegenwoordig betaal je al snel €3.50 a €4.00 voor een broodje bakkeljauw. Terwijl het heel makkelijk zelf te maken is. En zelf veel goedkoper is. Best belachelijk zo’n prijs, nu is bakkeljauw ook wel best duur als product. Maar zo een restaurantje moet natuurlijk ook iets kunnen verdienen.
    Bakkeljauw is gepekelde vis, waardoor het langer houdbaar is gemaakt.
    Belangrijk voor als je het gaat maken is dat je de vis goed ontzout, anders is het echt niet te eten. Ik ontzout het door het in een vergiet eerst goed uit te spoelen met koud water.
    Daarna kook ik het nog 2x uit in een pan. Hierna blijft er nagenoeg geen zout meer over, maar dat is totaal niet erg. Want ik voeg daarom 2 maggiblokjes toe bij het bakken voor de smaak.

    Wat heb je nodig?

    • 500 gram bakkeljauw
    • 1 grote ui
    • 3 teentjes knoflook
    • 2 grote rijpe tomaten
    • 2 theelepels tomatenpuree
    • 2 maggiblokjes
    • zwarte peper
    • 2 takjes selderij

    Wat ga je doen?
    Zoals beschreven hierboven, doe je de vis in een vergiet en was het onder de stromende kraan.
    Dit is de eerste stap van het ontzouten, daarna doe je de vis in een pan met water en breng het aan de kook. Laat het 10 minuten doorkoken, giet het af, spoel het opnieuw onder de kraan en breng opnieuw aan de kook.
    Nu even proeven om te kijken hoe de vis smaakt, is het nog zout? Spoel het dan opnieuw en breng aan de kook. Is de vis goed van smaak en is het zout nagenoeg verdwenen?
    Dan kan de vis gebakken worden.

    Hiervoor snij je de ui fijn en bakt deze aan in de olie.
    Als de ui goudbruin is dan doe je de knoflook erbij (gesneden of uitgeperst, dit maakt niet zoveel uit), bak dit even mee tot het lichtbruin verkleurd.
    Daarna mogen de tomaten, de blokjes en het tomatenpuree erbij. Bak deze even mee tot ze het grootste deel van hun vocht kwijt zijn.
    Dan mag de vis erbij en schep het om, breng op smaak met de zwarte peper. Proef even of de vis genoeg smaak heeft, anders voeg je nog wat zout toe. Hou er wel rekening mee dat als het vocht van de tomaten verdampt is, je wel iets meer zout zal proeven
    Voeg de selderij toe en stoof het even op middelhoog vuur gedurende zo een 10 minuten.
    Wil je bakkeljauw droog hebben? Zorg dan dat alle vocht verdampt.
    Voor op een broodje is dit lekkerder vind ik persoonlijk, of met telo.
    Als je de bakkeljauw met rijst eet vind ik het lekkerder met wat tomatensaus erbij.
    Wij eten hier in huis het liefst bakkeljauw met rijst en gele daal.
    As je van pittig houdt, bak dan pepers mee met de uien en knoflook.

    Lekker met rijst en groente en gele daal, op een broodje met wat zuurgoed of met telo


  • Cinnamon-pecan of nutella rolls

    Cinnamon-pecan of nutella rolls

    Ik heb weer eens iets nieuws bedacht om supersnel even iets lekker op tafel te toveren voor het ontbijt, brunch of de lunch. 

    Heel weinig ingrediënten om een lekkere schaal met warme broodjes te produceren en je hoeft niks voor te bereiden, geen deeg kneden en laten rijzen.

    Uiteraard heb ik hier 2 varianten bedacht maar je kunt eindeloos door variëren. 

    Krijg je niet alles op, wat ik me moeilijk kan voorstellen, dan kun je ze gewoon in de koelkast bewaren en kort in een voorverwarmde oven even kort opwarmen, want warm zijn ze wel het allerlekkerst. 

    Ik wilde gelijk variëren dus ik heb van een rol al twee verschillende varianten gemaakt, maar de onderstaande hoeveelheden zijn voor een hele rol.

    Wat heb je nodig:

    Cinnamon-pecan rolls

    1 rol croissantdeeg voor 6 grote croissants

    1 eetlepel kaneel

    2 eetlepels suiker

    100 gram grofgehakte pecannoten

    Nutella-pecan rolls

    150 gram Nutella 

    100 gram grof gehakte pecannoten

    Verwam de oven voor de 200 graden.

    Open de verpakking en maak het deeg los, rol het uit op je aanrecht. (Ik heb er een velletje bakpapier onder gelegd zodat het niet zou blijven plakken aan aanrecht).

    Voor de Nutella-variant besmeer je het deeg met de pasta en strooi daarna de noten erover. (Mocht de Nutella nu niet lekker smeerbaar zijn, warm het dan kort even op in magnetron, hierdoor wordt het wat smeerbaarder)

    Voor de Cinnamon-Pecan rolls mix je de kaneel en suiker met elkaar, strooi dit over het deeg. Strooi er daarna de noten over.

    Laat van de rand ongeveer 1 cm open om het deeg vast te plakken.

    Rol het deeg op in de lengte en snij het in plakken van 1,5  tot 2 cm.

    Leg de plakken met het snijvlak naar boven in een schaal, laat er wel wat ruimte tussen de rollen want ze rijzen in de oven nog.

    Bak de rolls af in de oven, als ze te bruin worden kun je ze afdekken met aluminiumfolie.

    Serveer ze warm!

  • Mohanbhog (Halwa)

    Mohanbhog (Halwa)

    Een van de meest favoriete soorten persad en naar mijn mening degene die het makkelijkst te maken is. Persad wordt gemaakt op religieuze feestdagen en bij diensten bij de hindoe’s om geofferd te worden. Er is ook een Indiase variant en deze wordt halwa genoemd, maar het komt op hetzelfde neer, in India wordt het ook gemaakt van bijvoorbeeld wortel.
    Je kunt mohanbhog ook maken van gewoon meel maar persoonlijk vind ik deze variant met griesmeel veel lekkerder. Na geëxperimenteerd te hebben vind ik mijn persoonlijke variatie het lekkerst, deze bevat: kokos, amandelen en vanille!

    Wat heb je nodig:

    • 250 gram griesmeel
    • 750 ml melk
    •  2 zakjesvanillesuiker
    •  3 scheplepels ghee
    • 2 eetlepels geraspte kokos
    • geschaafde of grof gehakte amandelen (ik heb amandelstaafjes gebruikt maar ik weer niet of je deze makkelijk kunt vinden)

    Breng de melk aan de kook in een pan met een dikke bodem.
    Voeg hieraan de suiker, geraspte kokos en vanille toe.
    Blijf roeren totdat de suiker is opgelost, om te voorkomen dat het aanbrandt.
    Laat dit enkele minuten doorkoken, daarna mag het vuur uit en dan mag het afkoelen.

    Verhit de ghee in een wok.
    Wanneer deze gesmolten is mag het griesmeel erbij.
    Schep voortdurend om want het kan ineens snel gaan en dan brandt het griesmeel aan.
    Wanneer je merkt dat de griesmeel wat bruiner aan het worden is mogen de amandelen erbij om even mee te roosteren.
    Wanneer de griesmeel goudbruin is mag de afgekoelde melk erbij.
    Blijf vanaf dit moment goed roeren want het griesmeel zal de melk absorberen wat ervoor zorgt dat het een dikke pap zal worden.
    Als al het melk is verdampt mag het vuur uit.
    Schep de mohanbhog uit de wok en doe het in een hittebestendige schaal om af te koelen, laat het niet in de wok liggen want door de hitte kan het daarna nog aanbranden.

  • Bara

    Bara

    De Surinaams Hindoestaanse keuken is mega populair! Iedereen kent wel een gerecht die verband houdt met deze keuken.
    Bara is ook een bekende! Het is een vegetarische hartige snack in de vorm van een donut, het smaakt kruidig door diverse toegevoegde specerijen. Een goeie bara hoort krokant van buiten te zijn en mega luchtig van binnen! Ze mogen absoluut niet veel olie absorberen.
    Meestal wordt het gegeten met een kruidige pittige saus, dit kan chutney, chockha of peperketchup.

     

    Ingrediënten:

    • 3 eetlepels oerdie
    • 500 gram zelfrijzend bakmeel
    • 3/4 eetlepel zout
    • 1 theelepel gist
    • 1 theelepel suiker
    • 300 ml lauwwarm water + +/- 50 ml om de gist in op te lossen
    • 6 blokjes diepvriesspinazie (niet a la crème)
    • 1 volle flinke theelepel masala
    • 2 theelepels geroosterde en gemalen jeera (komijn)
    • 3 teentjes fijngemalen knoflook
    • (eventueel wat fijngemalen peper)
    • Olie om te frituren

     

    Week de oerdie enkele uren in water.
    Was de oerdie daarna om zoveel mogelijk van de zwarte schillen weg.
    Maal de oerdie fijn in een keukenmachine.
    Laat de diepvriesspinazie ontdooien
    Los de gist op in een paar theelepels water en voeg hier de suiker aan toe.
    Zet dit apart zodat het kan oplossen en dat het gaat werken.
    Doe de gemalen oerdie in een ruime kom, voeg hieraan de masala, jeera, zout, knoflook en spinazie aan toe.Meng dit even goed door elkaar en voeg daarna de bloem toe.
    Voeg nu beetje bij beetje wat water toe, kneed het deeg tot het soepel is.
    Het kan zijn dat je wat meer of minder water nodig hebt, dit is afhankelijk van het bloem.
    Dek de kom nu af met een vochtige theedoek en laat het op een warme plaats enkele uren rijzen.
    Verhit de zonnebloemolie in een wok of hapjespan op halfhoog vuur om de bara’s te frituren.
    Neem een klein schaaltje water en voeg hieraan wat druppels olie toe.
    Maak je handen vochtig met het water uit het schaaltje en neem een bolletje deeg.
    Druk deze plat met een vlakke hand en maak een gaatje in het midden.
    Laat de bara nu voorzichtig in de olie glijden.
    Bak de bara om en om in ongeveer 10 minuten bruin.
    Laat ze uitlekken op keukenpapier.
    Ga zo door tot al het deeg op is.

    Serveer de bara’s warm met een saus.

     

  • Sew (Zoete krakelingen)

    Sew (Zoete krakelingen)

    Mijn favoriete zoetigheid uit de Surinaamse keuken. Heerlijk om te knabbelen met een kopje thee, naar mijn idee lekkerder dan een zak chips. Omdat ik toch meer een zoetekauw ben. Sew wordt gemaakt op Hindoestaanse feesten en is wederom een vegetarische snack. Je hebt heel weinig ingrediënten nodig, eigenlijk maar 3, althans als je simpele versie maakt, ik heb aan mijn variant geraspte kokos toegevoegd. Dit geeft de sew wel echt een lekkere smaak. Ook heb ik rietsuiker gebruikt, dit geeft een licht karamelachtige smaak aan je sew.
    Met deze hoeveelheden ingrediënten maak je een flinke hoop sew, lekker snoepen dus!

    Ingrediënten:

    • 500 gram tarwebloem
    • 300 – 400 ml water
    • 1 liter zonnebloemolie

    Voor de siroop:

    • 400 gram rietsuiker
    • 250 ml water

    Optioneel: 2 volle eetlepels geraspte kokos

    Meng het bloem en water en kneed dit tot een soepel en elastisch deeg. Voeg het water beetje voor beetje toe. Laat dit dan afgedekt in een kom even rusten.
    Verdeel het deeg in twee gedeeltes en rol dit uit tot een vierkante lap van ongeveer 5 mm dik.
    Snij er nu repen van die ongeveer 2,5 a 3 cm dikte.

    Snij hierna elke dikke reep in reepjes van 1 cm.

    Verwarm de olie in de wok en frituur de reepjes tot ze goudbruin zijn.

    Als alles gefrituurd is dan maak je de siroop:
    Meng hiervoor alle ingrediënten met elkaar, roer even totdat alle suiker is opgelost en breng het aan de kook. Wanneer de siroop een structuur heeft bereikt dat hij in dikke druppels aan je lepel blijft hangen dan is de siroop klaar

    Giet de siroop nu over de sew heen en schep alles goed om alles te “coaten” met de siroop. Blijf alles goed omscheppen.

    Optioneel kun je dus na het “coaten” de geraspte kokos erover heen strooien voor de siroop uithardt.

  • Bojo (cassave-kokostaart)

    Bojo (cassave-kokostaart)

    Een heerlijk gerecht, vegetarisch, dus wordt wederom op veel Hindoestaanse feesten geserveerd. Althans, vegetarisch want ik doe er geen ei in maar sommige meeste mensen wel. Hoofdingrediënten zijn cassave en kokos. Makkelijk te maken, iedere keer als ik het sta te maken denk ik: “Pakje van dit, blikje van dit en klaar is kees”. Bojo is wel de volgende dag lekkerder om te eten, maar dan wel op kamertemperatuur, ik vind het niet lekker als het koud is en net uit de koelkast komt. Bojo moet een lekker zachte structuur hebben. En (niet geheel onbelangrijk) vooral lekker veel smaak. Een beetje romig van smaak zou je haast kunnen zeggen.

    Toen ik klein was kreeg ik overal bojo met krenten en rozijnen en vooral veel kaneel te eten. Ik voeg alleen maar een vleugje kaneel toe. Mijn variant is zoooveeel lekkerder als dat. Vooral omdat ik niet van rozijnen hou, die heb ik dus ook vervangen door amandelstaafjes, deze zorgen ook voor een lekkere bite in de bojo. Mijn “geheime” ingrediënt is custard, dit zorgt voor een mooie gele kleur van de bojo. Ik heb nu een halve kilo cassave gebruikt, maar als je veel eters verwacht kun je de hoeveelheden natuurlijk ook gewoon verdubbelen. Met dit recept kun je ongeveer 24 stukken maken. Bojo is wel vrij machtig, dus ik zou de stukken niet te groot maken.

    (more…)